Home Nieuws ybp-tv Agenda Ledendiensten Partners Over ons Contact
Nieuws
BijeenkomstSeminar 'Mond-tot-mond reclame via social media' [09 September 2010]
'LinkedIn: netwerken achter je pc'
Tuesday 25 August 2009

Zaken doen was nog nooit zo makkelijk, pretendeert het zakelijke online netwerk LinkedIn. Je vindt er je nieuwe baan, kunt er opdrachten binnenslepen, kennis delen en je relaties onderhouden. Maar hoe werkt het en is het echt zo nuttig?

Een profiel maken op LinkedIn is zo gepiept. In een paar tellen vul je de verplichte velden in en sta je officieel geregistreerd, je zit op LinkedIn. Het grootste online zakelijke netwerk dat de naam heeft onmisbaar te zijn voor het leggen van nieuwe contacten, het vinden van een nieuwe baan, het onderhouden van relaties en het binnenslepen van opdrach­ten.

Een paar dagen of een paar weken la­ter denk je teleurgesteld: is dit het nou? Er gebeurt niks, je profiel is een statisch, bijna saai cv ergens op het wereldwijde web en niemand lijkt er in geïnteresseerd. Jan Vermeiren, een Belgische netwerkgoe­roe hoort die verhalen regelmatig. Vermei­ren schreef er zelfs een boek over: ‘ Hoe LinkedIn nu echt gebruiken’.

En hij heeft eigenlijk maar één gouden tip: wie wil oogsten, moet zaaien. En je kan online zaaien en offline oogsten. Wie wacht tot een ander over de brug komt, kan lang wachten. Vergelijk het met de traditione­le netwerkborrel, wie in de hoek staat en hoopt dat er wel iemand op hem of haar af zal komen, loopt vaak zonder business of nieuwe contacten de deur uit.

Omdat er volgens sommigen zo weinig ge­beurt op LinkedIn zijn er nog een boel sceptici. Feit is dat er intussen zo’n mil­joen werkende Nederlanders een profiel hebben aangemaakt op de zakelijke net­werksite en door die explosieve groei wordt het medium steeds interessanter. Vermeiren vergelijkt de opkomst van Lin­kedIn met de opkomst van de telefoon. Hoe meer mensen een telefoon hadden, des te groter werd het succes van diezelf­de telefoon. Je hebt er immers allebei een nodig om contact met elkaar te kunnen leggen.

„Ondanks het feit dat niet ieder­een op LinkedIn zit, is het een website voor zakelijke netwerken waarmee je heel veel zakelijke contacten kunt berei­ken. We zien in de praktijk dat al een meerderheid van de organisaties is verte­genwoordigd. In de Verenigde Staten heb­ben alle Fortune 500 bedrijven aanwezig­heid op LinkedIn op ‘executive’ niveau”, aldus Vermeiren.

„Misschien vind je op LinkedIn niet de marketingmanager van een bedrijf, maar vind je wel de IT-mana­ger. De marketingmanager is daar maar een stap vandaan. Oké, dat kost wat extra moeite, maar het is nog steeds stukken ge­makkelijker dan voor het bestaan van Lin­kedIn.”

Wereldwijd zijn er nu 35 miljoen gebrui­kers. Barack Obama is er te vinden, Jan Peter Balkenende, maar ook de plaatselij­ke ondernemer geeft steeds vaker thuis op het online zakennetwerk. Join my network on LinkedIn. Steeds meer werkenden krijgen die uitnodiging in hun postvak, en zo breidt de olievlek zich verder uit. Het gros van de Linke­dIn- gebruikers bestaat uit hoogopgeleide mannen, rond een jaar of veertig.

Daar­mee onderscheidt LinkedIn zich duidelijk van sociale media als Hyves of Facebook waar de gemiddelde leeftijd zo’n twintig jaar lager ligt en vooral privézaken als va­kantiekiekjes en dagelijkse beslommerin­gen de boventoon voeren. Er is op het za­kelijke netwerk wel ruimte voor hobby’s en andere interesses, maar de nadruk ligt heel duidelijk op de professionele kant.

Dat maakt het ook voor werving- en se­lectiebureaus interessant. Er zijn veel ge­schikte kandidaten te vinden die mis­schien best wel eens van baan willen wis­selen, maar niet actief geregistreerd staan in de vacaturebanken. Wie heeft aange­klikt in zijn of haar profiel geïnteresseerd te zijn in ‘Job Inquiries’ is daarom eenvou­dig te polsen voor een eventuele andere functie. LinkedIn - een Amerikaans bedrijf dat in 2003 is opgericht - heeft de ledenaantal­len zien verveelvoudigen de afgelopen ja­ren.

Vooral sinds het losbarsten van de cri­sis is de stijging van het aantal online net­werkers explosief gegroeid. Volgens Ver­meiren is het zaak tijdig je netwerk op te bouwen en daar niet pas mee te begin­nen als de nood aan de man komt.

„Ik ontmoet veel mensen die hun netwerk pas gaan opbouwen als het al te laat is. Mensen die onverwachts worden ontsla­gen en plotseling snel die nieuwe baan moeten vinden, realiseren zich dat ze een netwerk nodig hebben om hen te helpen. Vervolgens worden ze lid van LinkedIn en beginnen hun netwerk op te bouwen, wat tijd kost en die tijd hebben ze vaak niet.”

Volgens Vermeiren verdient het geen voorkeur om te beginnen met een netwerk als er een dringende behoefte is. Die dringende behoefte kan eerder afsto­ten. „Begin dus met het opbouwen van een netwerk voordat je het feitelijk nodig hebt.''

''Je kunt dan op een normale manier met mensen omgaan, namelijk met de netwerkattitude, die inhoudt dat je din­gen deelt zonder daarvoor onmiddellijk iets terug te verwachten.” En daarin zit ‘m de kneep van het online netwerken. Geven zonder iets terug te verwachten. Volgens Vermeiren is het nuttig om deel te nemen aan discussies en groepen op LinkedIn, om je expertise te delen en je zelf zichtbaar te maken.

Zo kun je vertrouwen winnen en nieuwe contacten opdoen. De echte kracht van het online netwerk zit bovendien niet zo­zeer in wat Vermeiren ‘de eerste graad’ noemt. Echt waardevol zijn de connecties van de connecties. De kennissen dus van je kennissen ook wel ‘de tweede graad’ ge­noemd. Dat sluit aan bij bekende net­werktheorieën als ‘the six degrees of sepa­ration’ die ervan uitgaan dat iedereen via een netwerk van vijf tussenschakels met elkaar verbonden is.

Netwerken zijn niet nieuw. In 1967 al deed Stanley Milgram, hoogleraar psycho­logie, onderzoek naar de hoeveelheid stappen die iemand van iemand verwij­derd is. Milgram stuurde zo’n 300 brieven naar willekeurig geselecteerde mensen in de Verenigde Staten, met daarbij de in­structie om dezelfde brief naar weer een willekeurig iemand in Boston te sturen. Hierbij moesten de ontvangers van de brief gebruik maken van persoonlijke con­tacten.

Het onderzoek leverde op dat het gemiddelde aantal stappen om te komen bij een bepaalde persoon ongeveer zes is. Daaruit is de gevleugelde uitdrukking ge- komen ‘ The six degrees of separation’. Het resultaat van Milgrams onderzoek zou erop wijzen dat iedereen in Amerika onderdeel uitmaakt van een groot sociaal netwerk dat aan alle kanten in elkaar klikt.

Wie deze ‘six degrees of separation’ in zijn achterhoofd houdt, hoeft dus ei­genlijk niet verbaasd te zijn dat het zo vaak gebeurt dat je op een camping in het buitenland iemand tegen het lijf loopt die een gemeenschappelijke kennis blijkt te kennen. We leven in een kleine wereld. En de ‘ tweedegraads’ connecties met va­ge kennissen blijken in de praktijk vaak waardevoller dan je eigen netwerk met mensen die dichtbij je staan en dezelfde dingen horen, doen en meemaken.

De tweedegraads kennissen beschikken juist over informatie die je niet had. LinkedIn maakt het benaderen van die tweede graad een stuk eenvoudiger. Via via kun je geïntroduceerd worden in ie­mands netwerk en daarmee een hele nieuwe markt aanboren of hele nieuwe informatie en expertise delen. Feit is ech­ter wel dat je er tijd in moet steken. Ook daar klagen sceptici over.

Er is geen tijd om hele dagen te lanterfanten op het net. Maar volgens netwerkcoach Jan Vermei­ren is het online netwerken juist effectief omdat je snel inzichtelijk krijgt met wie je te maken hebt en wat je voor elkaar kan betekenen. De één is een meer begenadigd netwer­ker dan de ander. Of dat nu in het echte leven of op het web is. En LinkedIn blijft een hulpmiddel.

Al staat LinkedIn vol­gens futurist en trendwatcher Erwin van Lun nog maar aan het begin. Volgens hem is de zakelijke netwerksite ‘een es­sentieel onderdeel van de nieuwe econo­mie die nu ontstaat’. Van Lun: „ LinkedIn groeit uit tot een zeer betrouwbaar maat­je bij alles wat te maken heeft met werk. Wereldwijd. LinkedIn staat echt pas aan het begin.”

Bron: De Ondernemer, 22 augustus 2009